Nikita (27) is toen zij vijf maanden oud was geadopteerd uit Ethiopië. Dit jaar is ze veel bezig geweest met het thema afstand en adoptie. Om specifieker te zijn, heeft ze zichzelf beter leren kennen als het gaat om bindings- en verlatingsangst. “Als ik terugkijk naar mijn leven toen ik jonger was, zie ik dat ik toen al onbewust afstand hield van mensen. Ik was bang dat wanneer iemand dichtbij zou komen, die persoon mij ook zo weer kon verlaten.”
Toen ze jonger was, had ze vaak het gevoel dat ze niets kon met thema’s over adoptie. Nikita legt uit: “Als ik bijvoorbeeld met racisme te maken had, deelde ik dat niet met anderen. Ik vertelde hun niet wat dat met mij deed en waarom het mij raakte. Ik dacht namelijk dat niemand dat echt in mijn omgeving zou kunnen begrijpen, want ik groeide op in een witte omgeving.” Dat gevoel van onbegrip had ze ook bij bindings- en verlatingsangst.
Dit gevoel werd bevestigd: “Ik merkte al snel dat niemand in mijn omgeving mij echt begreep. Dat merkte ik bijvoorbeeld doordat, als ik er iets over vertelde, niemand mij kon vertellen wat ik eraan kon doen of herkende waar ik tegenaan liep. Ik wist wel dat ik bepaalde dingen meemaakte doordat ik ben geadopteerd, maar ik had niemand om er over te kunnen praten.” Dat merkte ze ook als ze bijvoorbeeld met vriendinnen was. Ze voelde zich heel kwetsbaar om dingen te delen omdat haar ervaring was dat niet veel mensen het écht kunnen begrijpen.
Onafhankelijk willen zijn
Later merkte ze ook dat ze veel druk op zichzelf legde om alles in haar leven zoveel mogelijk onder controle te hebben. Ze wilde alles zo goed mogelijk doen, zodat ze niemand anders nodig had. “Daardoor zie ik nu in dat ik in het verleden afstand heb gecreëerd tussen mij en de mensen om mij heen. Ik deed er alles aan om te voorkomen dat ik moest toegeven dat ik ergens hulp bij nodig had. Op een gegeven moment merkten mensen in mijn omgeving dat. Maar ik vertelde dan nooit echt wat er in mij omging, ook omdat ik toen nog niet de juiste woorden had om aan andere mensen uit te kunnen leggen wat ik voelde en waar ik tegenaan liep.” Uiteindelijk kwam ze in een WhatsAppgroep voor Ethiopisch geadopteerden terecht. Daar kon ze vragen wie er ook ervaring heeft met bindings- en verlatingsangst en vooral waar ze dan terecht zou kunnen voor hulp.
Nikita kwam bij een professional uit die haar kon ondersteunen bij haar zoektocht. Nikita vertelt daarover: “Dat was heel waardevol. De gesprekken waren op een andere manier dan ik had verwacht, maar het werkte voor mij. Ik zag toen in dat er ook professionals zijn die je verder kan helpen. Ik ben namelijk ook bij meerdere professionals terechtgekomen die mij duidelijk niet verder konden helpen.” Het voelde verlossend voor haar toen ze meer inzicht kreeg en beter kon begrijpen waarom ze bij het aangaan van relaties op een bepaalde manier reageert.
Conflict voorkomen
Vanaf dat moment had ze het gevoel dat ze er gericht mee aan de slag kon gaan. “Ik ben eerst nog meer terug gaan kijken op hoe ik omging met relaties. Ik zag in dat ik best wel vaak mensen over mijn grenzen heb laten gaan, omdat ik het moeilijk vond om die aan te geven. Ik ben vaak de persoon geweest die de relatie beëindigde of dat ik degene was die onbewust afstand hield. Nu weet ik dat ik eigenlijk wilde voorkomen dat er in de relatie een conflict ontstond door toedoen van mijzelf, wat ertoe kan leiden dat mensen bij je weggaan.” Nikita merkte daarbij dat het andersom minder erg was. “Als iemand anders iets fout doet in de relatie, heb je zelf de controle om te zeggen of je het iemand vergeeft of niet, en dat voelt dan veilig.”
Nikita vult aan: “Ik was dus bang om grenzen aan te geven of iemand ergens op aan te spreken wat ik niet fijn vond omdat ik vreesde voor een conflict, wat ertoe zou leiden dat mensen bij me weg zouden gaan. Soms gaf het dan meer controle om afstand te nemen of zelf de relatie te beëindigen, omdat je dan in ieder geval in de hand hebt hoe de relatie beëindigd, ook als dat misschien niet eens de uitkomst had hoeven zijn.”
Eerder lukte het Nikita niet om voor zichzelf goed onder woorden te brengen hoe bindings- en verlatingsangst zich bij haar uitte en hoe dat kwam. “Ik voelde me lange tijd zoekende daarin. Nu heb ik veel meer handvatten gekregen en voelt het als een weg vooruit. Door de gesprekken met de juiste professional heb ik meer perspectief gekregen. Ik zie nu beter waar het hem in zit en ik zie beter in hoe ik er doorheen kan komen.”
Jezelf ruimte geven
Nikita blikt verder terug op het afgelopen jaar, waarin ze veel bezig is geweest met het thema bindings-en verlatingsangst: “Nu de gesprekken met de professional een aantal maanden geleden zijn afgerond, merk ik dat ik in de afgelopen tijd relaties die ik heb gehad opnieuw ben gaan evalueren. Dat was soms best pijnlijk. Nu kan ik er al anders naar kijken, maar de confrontatie in het begin is wel iets wat je aan moet durven gaan. Ik merkte dat het toch best wel iets groots en emotioneels voor mij was om mee bezig te zijn en ik denk dat ik het daarom eerst een tijd uit de weg ben gegaan.”
Na meerdere gesprekken met een professional te hebben gehad, is Nikita ook het gesprek aangegaan met een vriendin en haar partner. “Het is fijn dat zij mij hebben laten inzien dat ik hen echt niet zomaar verlies. Maar ik weet nu ook dat ik zelf uiteindelijk de enige ben die mezelf de ruimte kan geven om oude gewoontes in relaties los te laten en vervolgens relaties in te richten op een manier die mij wel veel brengt. En dat besef heeft mij denk ik het meeste gebracht.” Zo merkt ze dat ze nu meer bewust is van het feit dat ze niet vanuit angst een relatie aan hoeft te gaan. Ze ziet nu in hoe dat kan vanuit liefde of gemeenschappelijke interesses, evenals hoe ze daarbij ook aan een gelijkwaardige relatie kan werken.
Tenslotte wil Nikita anderen nog iets meegeven over hoe zij dit proces heeft ervaren: “Ik denk dat als je mij hierover vragen had gesteld toen ik er net een beetje achter kwam hoe het zit met bindings-en verlatingsangst, ik er anders in had gestaan. Tijd geven helpt dus ook. Soms zie je gewoon niet meteen perspectief waar je mee verder kan en waardoor het uiteindelijk beter gaat worden. Misschien begint het eerst dus wat minder hoopvol, maar inmiddels ben ik dat wel.”
